Saturday, May 12, 2012

Opening of a sesshin - Ouverture d'un sesshin

De zwoele warmte van de voorbije lentedag
wordt weggevaagd door een verkwikkende stortbui.
De nacht gaat volledig op
in het allesdoordringende geluid van gutsende regen
waaraan de abdijtuinen zich verzadigen.

Ik waag me erin, met mijn paraplu
en het gerikketik op het regenscherm
als enige metgezellen,
verheugd om de gordijnen van water
die me omsluiten
en alles tot gelijke maken.


Aan een gracht
vermengt plensende regen zich
met onverstoorbaar kwakende kikkers
waar vlakbij een koe met haar piepjong kalf
hun gezelschap opzoeken.

Dit is waarlijk het Lotus-paradijs,
het Boeddha-land.
Wat valt er nog meer te zoeken?
Deze nacht bevat
al genoeg verbondenheid.

Deze sesshin is al beëindigd
voor ie begonnen is.

Friday, May 4, 2012

Police - Politie-agent



ze bewoog zo

ik kan het alleen maar “lentelijk” noemen
of vrij en vrolijk als een pasgeboren veulen

en haar lichaam verried
nieuwe ongekende bewegingen
waar ze gewoon plezier in had

dat verrieden haar stralend blauwe ogen
waaruit het leven alle kanten opspetterde

en in een flits zag ik in mijn 12-jarige dochtertje
een prachtige mooie vrouw
waar ik als vader eventjes verliefd op werd
en gunde haar alle minnaars
die ze maar kan dromen
me ondertussen afvragend
of ik later geen “nummertjes van de beenhouwer”
zou moeten aanschaffen
om de geïnteresseerden voor mijn huisdeur
in een ordelijke rij te kunnen houden

Tuesday, May 1, 2012

Leysin

daar stond ik dan
ontworteld
als 6-jarige
800 km. verweg
van huiselijke warmte
in een vreemd bergenland

op een avond
bedekte onweer de vallei
en bliksembollen
dansten
stoeiend
over berg en dal
terwijl nachtelijke regen
de hele vallei geselde

hoe zou ik dit ooit kunnen begraven
in vergetelheid?

de geur van over elkaar gestreken
silex-steentjes
en ontsprongen vonkjes
in de grot van mijn bed
onder lakens

een koude winterse wandeling
en één van de eerste doodservaringen

allesbehalve beangstigend
een bevroren kat
op een schuurdak
ik zie me haar nog klauterend
met mijn vingers opzoeken
en het stijve en koude voelen
nieuwsgierig omwille van de dood
zo intiem nabij

mijn ogen
voortdurend verleid
en doorboord
door splinters en glinsters
van sneeuwkristallen
bloedzuiver rood
hemelblauwdiep
zonne-imiterend geel
lentefris groen
dansend voor mijn ogen
glimpsen van de hemel

mijn ogen zo dichtbij
in stille verwondering  voor
myriaden
van lieve-heer-beestjes
reizend over mijn handen
en slakjes zich verstoppend
tussen mijn salade
in de tuin van mijn bord


die ene keer
in het centrum van de lente
alleen in het bos
slechts tien meter
verwijderd
van een volwassen ree
elkaar vertrouwd aankijkend
als vrienden
voor elkaar onbevreesd

die ene onvergetelijke
zwoelwarme nacht
carnaval
brandende lampions
deinend in zachte briesjes
en lucifers
met vreemde ongekende kleuren
oplichtend groen en blauw

op het terras
op weg naar de dokter
mijn oog getroffen
door een flits
van eeuwige sneeuw
doorboord tot op het merg
bevroor de tijd
voor een paar seconden



voor een paar seconden
hervond ik de eeuwigheid

hoe kon ik toen weten
dat alles nadien
tot ontworteling zou leiden
en ik toen wel degelijk
vertoefde in de thuishaven
van mijn leven ?

sinds deze levensjaren
klopt mijn hart
voorgoed verliefd
op moeder aarde
en vader natuur