Thursday, December 29, 2011

Mijn Stervensuur - Oproep om Volledig Te Leven

één traan voor een te vroeg afgebroken liefde
zal in mijn stervensuur
schitteren in een verre uithoek van mijn oog
en zachtjes mijn wang strelen
en in gedachten zal ik haar naam uitspreken
- en wie weet –  misschien uitschreeuwen
met deze laatste haiku’s in gedachten

plots verliet je me
maar desondanks verblijf je
nog steeds in mijn hart

alleen maar bij jou
voelde ik in dit leven
vlinders in mijn buik

dan wil ik dat men weet
dat dit laatste uitgesprokene
een poging is 
om al het onafgemaakte in mijn leven
voor eens en voor altijd recht te zetten

mocht ik komen te sterven
dan wil ik volledig opgaan
in de ogen van mijn Grote Geliefde
in het volste vertrouwen
dat wat komt


niet de Grote Duisternis is
maar het Uiteenspattende Grote Licht
waarbij ik de ankers
van lichaam en geest
voorgoed achter me laat
en bodemloos diep vallend
me vol vertrouwen overlever
aan mijn Oerbron die mij roept
om mijn Pad elders verder te zetten


en mocht ik ondanks dit alles
in mijn stervensuren
doodsangsten uitstaan
en schreeuwend, vloekend
en van me afschoppend
in afgrijzen de Grote Duisternis inglijden
dan hoop ik dat dit sterven
een uitnodiging wordt
voor alle anderen
om reeds in dit leven
vrede te vinden in de Grote Dood

gedicht anno 2002

Friday, December 23, 2011

sneeuw - snow


mijn blik glijdt uit
over het witte tapijt
van het nachtelijke landschap

het geluid van vallende sneeuw
doordringt mijn merg

dit landschap
licht een sluier op
van de wereld
zoals ie was
vóór de mens
geboren was
en laat een flits zien
van puur onbezoedeld zijn

laat ik de kristallen van mijn ziel blootleggen
glinsterend in deze nacht
mediterend
niet bewegend
en onbewogen
in- en uitademend
deze winterse stilte drinken
met heel mijn aandacht

Monday, December 12, 2011

Nachtelijk waken - Nigthly Watching



met perioden
word ik ongewild ’s nachts wakker
en blijf dan uren liggen
op mijn rug
met gesloten ogen
en omsloten handen

stilliggend
lijk ik zo te bidden
zonder woorden
in overdonderende stilte

er is geen ontkomen aan
er bestaat ook geen methode
om eraan voorbij te kunnen gaan

ik moet het ondergaan
- God weet waarom -
maar ik niet
onwetendheid grijnst me aan
vanuit alle donkere hoeken

“Oh God, waarom heb je me verlaten?!”
schreeuwt mijn ziel

mijn geest-lichaam drukt het uit
met gesmoorde kreten
en gestold spartelen

het lijkt wel
of ik zo stilliggend
en dit ondergaand
mijn eigen dood repeteer
wanneer ik eventjes
in een lijkkist zal vertoeven

maar dit is bovenal
louter wachten
zonder hoop

puur wachten
op het einde van de tunnel
op iets nieuws
dat nog geboren moet worden
maar waar nog geen naam voor bestaat

zo stilliggend biddend zonder gebed
lig ik in bed
wachtend op het ochtendgloren
- alsof dat verlossing zou brengen -
en bang dat ik de volgende avond
niet heelhuids haal

gedicht, anno 2002